Picture of author.
7 Works 84 Membros 4 Críticas

Obras por Geert Noels

Etiquetado

Conhecimento Comum

Data de nascimento
1967-09-05
Nacionalidade
Belg
Local de nascimento
Antwerpen, België

Membros

Críticas

Geert Noels opent Gigantisme met twee fundamentele zaken die klinken als faits divers, omdat we ons het gewoonweg niet kunnen voorstellen: “Het is ongezond dat een financiële superstructuur vele malen groter wordt dan de onderliggende reële economie.” En “ Als je gelooft dat de overdrijvingen niet alleen van economische aard zijn, moet je dus je blik verbreden. Voor mij is het overduidelijk dat de groeiobsessie zich heeft vertaald in ecologische en maatschappelijke onevenwichten.”

En dan volgt de ene grafiek na de andere tabel, van betrouwbare bronnen die hij geselecteerd heeft om zijn punt te maken, of het nu gaat over de waardering van de grootste internationale bedrijven doorheen de tijd, of de groei van milioenensteden, of het aantal leerlingen in onze scholen en zieken in onze hospitalen. Hij zoekt naar de onderliggende drijfveren van die trends. Concentratie, die controle door grotere entiteiten vergemakkelijkt en die hen nog een hele reeks structurele voordelen oplevert, waardoor er helemaal geen vlak speelveld meer is tussen consument en producent, tussen grote en kleine producenten, [eigen commentaar] en tussen de kiezer en de politici die aan de macht zijn.

Hij merkt dat het ideaal van vrijhandel geleid heeft naar globalisering voor wie daarvoor groot en sterk genoeg is. En van de weeromstuit naar bedrijfsbelangen die groot genoeg zijn om het ene land tegen een ander uit te kunnen spelen. Tot en met “too big to fail” en jarenlang financiële steunmaatregelen en rente tarieven tegen 0 % waar - weer - de grote bedrijven het meeste gebruik van kunnen maken [ eigen commentaar] onder andere om hun aandelen terug in te kopen zodat de hoofdaandeelhouders meer zeggenschap en een groter deel van winst krijgen.

Noels gebruikt de Champions League van het voetbal als metafoor voor onze economie, waar rijke clubs de pot van de uitzendrechten onder elkaar verdelen, en daarmee beloftevolle spelers wegkopen van armere clubs die niet in de Champions League kunnen spelen, zodat die ook in de toekomst niet in de Champions League zullen spelen.

Hij kijkt naar de gevolgen van zaken die structureel scheef zitten in onze economie: niet alleen het verminderen van de levenskwaliteit van veel mensen door minder keuze, en voor een steeds groter aantal ook door minder besteedbaar inkomen dat in steeds moeilijker omstandigheden verdiend wordt. En naast grote internationale bedrijven zijn ook de overheden, vooral in de Europese landen, op de wagen van de schaalvergroting gesprongen, met meer regels en meer controle.

Dan komt de lastigste vraag: “Hoe geraken we van de groeiobsessie af, en gaan we over naar een lagere maar duurzame groei die de mensheid kan blijven nastreven zonder het klimaat verder te doen opwarmen, en de aarde onder allerhande afval te bedelven?”

Hij legt uit dat streven naar nulgroei van de economie, de demografische evolutie en in- en uitwijking in een land over het hoofd ziet. En dat de overheid hoopt de staatsschuld niet verder uit de hand te zien lopen door hogere rente en door verminderen van belastingen die vooral werknemers en verbruikers betalen.
Noels suggereert dat 1 tot 1.5 % bovenop de demografische groei een duurzaam percentage is.

Dan komt het trager, kleiner en menselijker uit de titel. Noels somt een aantal voorwaarden op waaraan een oplossing moet voldoen. De economie moet rekening houden met de gevolgen voor de gemeenschap, zoals sociale scheeftrekkingen en de gevolgen voor het klimaat en het milieu, en ze moet lusten en lasten neutraal verdelen tussen opeenvolgende generaties.
Hij ziet heil in decentralisatie, omdat centralisatie vooral machthebbers dient en niet de gemeenschap, en omdat decentralisatie de drempel verlaagt voor initiatief en innovatie, wat we zeker nodig hebben. Ook moeten de excessen van de globalisering aangepakt worden o.a. de-localiseren van productie en verlies van banen en zekerheid bij een deel van de eigen bevolking, en sociale uitbuiting op een ander, en gevolgen voor het klimaat die iedereen zal voelen.

Drie hoogdringende opdrachten voor onze beleidsmakers zijn:
• verscherp de anti-kartel maatregelen
• reken af met te nauwe contacten tussen bedrijfsleven en politiek bestuur
• voer een wereldwijde CO2 taks in op internationaal transport

Eigen commentaar:

De groei van de wereldbevolking

Hij is summier over het verminderen van de groei van de wereldbevolking. Nochtans blijkt in de praktijk dat de nataliteit van zelf vermindert wanneer drie voorwaarden vervuld zijn:
1. Meisjes moeten dezelfde kansen krijgen als jongens om naar de lagere school te gaan. Dit is één van de drie millenium doelen die in 2015 gerealiseerd waren.
2. Vrouwen moeten ook daarna gelijke kansen krijgen op scholing, zodat ze een beroep kunnen uitoefenen dat hun een inkomen geeft dat hen financieel onafhankelijk maakt van hun man, en hun positie in het huwelijk gelijkwaardig wordt. De verandering in de maatschappij wordt zo van uit de basis opgebouwd door de betrokkenen.
3. Vrouwen moeten voorbehoedsmiddelen kunnen kopen voor een betaalbare prijs. Samen met punt 2 worden ze daardoor baas in eigen buik.
[punt 3 zie: World Fertility and Family Planning 2020: Highlights/ UN Department of Economic and Social Affairs, Population Division.
Vb. N-Africa and W-Asia
1990: fertility 4.4, contraceptive methods 26 %;
2019: fertility 2.9, contraceptive methods 34 % ]

Het effect van verandering wordt pas zichtbaar binnen 20-30 jaar. Maar het bevorderen van familieplanning en contraceptie moet ondertussen verder gaan, omdat de draagkracht van de aarde hetzelfde blijft: als de consumptie per bewoner stijgt, vermindert het maximale aantal bewoners voor de niet gewijzigde draagkracht.

Langer leven

Een deel van de stijging van de wereldbevolking komt door de stijging van de levensverwachting. Betere medische gezondheidszorg verklaart - ook in België - maar een deel ervan. Zonder erover na te denken gaan wij er van uit dat drinkwater gezond is, afvalverwerking hygiënisch gebeurt en als het kan grondstoffen recycleert. Dat afvalwaterbehandeling ervoor zorgt dat het water in onze rivieren biologisch in orde is, en maatregelen tegen luchtvervuiling dat we niet ziek worden wanneer we in grote steden wonen of rijden op drukke wegen. Van voedselinspectie, ziekte- en invaliditeitsverzekering, wetgeving over veiligheid en hygiëne op het werk verwachten we dat die voorkomen dat we in het ziekenhuis belanden, en als dat wel gebeurt, dat we de rekening kunnen betalen.
Mensen in Europa leven door die voorzieningen steeds langer na hun pensionering en zo komt de financiering van de pensioenen in het gedrang. Zeker in landen met een repartitie stelsel voor de wettelijke pensioenen en een omgekeerde leeftijdsopbouw in de bevolking. Of waar de pensioenverplichting van bedrijven gefinancierd wordt door aandelen in beleggingsfondsen en private equity firma’s, in tijden van bankencrisis en corona-virus.
De rangorde van doodsoorzaken is gebaseerd op overlijdenscertificaten. Artsen geven daarin de ziekte of de medische omschrijving van de doodsoorzaak aan: hartinfarct, verstikking, verdrinking, doodbloeden na verkeersongeval, kogel door de hersenen enz. Van de meeste ziekten zijn “risicofactoren” bekend, factoren die correleren met de ziekte zonder dat men het werkingsmechanisme kent. Kent men dat wel, dan weet men wat de grondoorzaken zijn.
Veel van die grondoorzaken van doodsoorzaken hebben weinig met geneeskunde te maken, maar met een gezonde levensstijl: voldoende bewegen en water drinken, vers en gevarieerd eten volgens de voedingsdriehoek, genieten van de natuur en goede vriendschappen, zinvolle bezigheden, evenwicht tussen inspanning en ontspanning.
Om mensen te helpen een weg te vinden die haalbaar is in hun leven, is het efficiënter dat experten in deelaspecten, samen de problematiek integraal aanpakken in nauw contact met de betrokkenen. Voorwaarde is dat die zich gehoord en betrokken weten bij wat uitgelegd en voorgesteld wordt.

Reagonomics, BNP en deregulation

In hun boek “Hoeveel is genoeg?” geven Robert en Edward Skidelsky de redenen waarom Reagonomics in de jaren 1980 onder Reagan in de USA en Thatcher in de UK, met alle mogelijke middelen de omzet van hun grote internationale firma’s wilden vergroten, en de invloed van vakbonden op loonvorming en sociale voorzieningen verminderen.
Een bijkomende politieke reden waarom het Westen - vooral de V.S. - een snellere economische groei wilde, was om de dure wapenwedloop tegen de Sovjet Unie te winnen, gefinancierd door de groei van het BNP die voor meer belastinginkomsten zorgde.

Het essentiële dat Thatcher (verkozen in 1979) en Reagan (verkozen in 1980) toevoegden aan de groeifilosofie was een ideologisch vertrouwen in de vrije markt. Achteraf gezien was het niet de groei op zichzelf, maar de filosofie van groei via het vrij maken van de markt (deregulation) die de onverzadigbare hebzucht tot nooit geziene omvang liet uitgroeien. De beleidsmakers hadden geen belangstelling voor de maatschappelijke gevolgen van deze door de markt geleide groei. Wettelijke beperkingen voor het najagen van rijkdom door personen of bedrijven werden systematisch afgebouwd.

Over hebbedingen en wat we echt nodig hebben

In “Hoeveel is genoeg?” zoeken de Skidelsky’s ook naar wat mensen doorheen de geschiedenis nodig hadden voor een “goed” leven. Wat ze echt “nodig hebben”, niet wat ze “willen”.
Ze noemen die de basisgoederen voor het “goede” leven. Ze vonden er zeven: gezondheid; geborgenheid; respect; persoonlijkheid; harmonie met de natuur; vriendschap; en vrije tijd.
Ze omschrijven wat ze met die termen juist bedoelen. vb. Vrije tijd is geen tijd om te ontspannen en uit te rusten, maar tijd waarin je met een heel eigen soort activiteiten bezig bent, met zaken die je uit zichzelf bevredigen, niet om er andere dingen mee te verwezenlijken.

Om minder grondstoffen en energie te gebruiken per persoon moet men bedenken:

• Dat men een tevreden en gelukkig leven kan leiden met minder dan wat de reclame ons voorhoudt. We hebben meer inzicht in onze noden nodig en welke diensten en producten helpen om die te lenigen, geen reklame om de omzet op te krikken.
• Dat vruchtgebruik soms duurzamer is dan de blote eigendom; het nut zit meestal in het vruchtgebruik.
• Dat gebruiksartikelen zuiniger en duurzamer ontworpen kunnen worden, gemakkelijk te gebruiken en te onderhouden en eenvoudig en goedkoop te herstellen. Sommige producenten ontwerpen hun producten inbegrepen “kunstmatige veroudering” door er snel slijtende onderdelen in te bouwen; of door onderdelen duur te verkopen om gebruikers te ontmoedigen om ze te vervangen, zoals batterijen voor gsm’s; of door het toestel goedkoop te verkopen en de onontbeerlijke benodigdheden duur, zoals inktpatronen met elektronische bladzijden tellers voor printers die nog inkt bevatten wanneer ze aangeven dat ze leeg zijn. Modische kleding zal na één jaar per definitie uit de mode zijn.
• Dat wanneer toestellen langer meegaan, de (automatische) sturing ervan moet kunnen bijgewerkt worden met nieuwere en betere versies. (vb. fabrikanten ondersteunen het operating system van hun smartphones meestal minder dan 2 jaar )
• Dat de aankoopprijs van een product de volledige kosten van wereldwijd transport van grondstoffen, tussenproducten en het afgewerkte product, maar ook die van recyclage en afvalverwerking aan het einde van het nuttige leven van het product, in rekening moet brengen en dat daarmee de voordelen van lokaal en milieuvriendelijk produceren en consumeren duidelijk maken voor de koper.

Gedragseconomie (behavioural economics) bestudeert o.a. hoe mensen met geld omgaan en dat is meestal niet rationeel.

Mensen “willen” onder meer ook hun emotionele en sociale noden lenigen. Ze willen “iemand” zijn, en liefst hoger in de pikvolgorde dan de mensen waar ze geregeld mee te maken hebben. Zodra de concurrentie om rijkdom – of de consumptie waarmee mensen hun rijkdom laten zien – verandert in de concurrentie om status, wordt het een “zero sum” spel, omdat niet iedereen een hogere status dan de rest kan hebben. Het kapitalisme heeft onze aangeboren onverzadigbaarheid flink aangewakkerd met reclame om dingen te kopen die we in feite niet nodig hebben.

Kopersmarkt verkopersmarkt

“Goede wijn behoeft geen krans, want goede wijn prijst zichzelf.” is één van de weinige spreekwoorden die tegenwoordig niet meer waar is. Zolang er meer vraag dan aanbod in de markt is klopt het spreekwoord. In het ancièn régime kon enkel de adel en heel rijke kooplui zich luxe veroorloven, en die wisten heel goed waar het beste te krijgen was. Tegenwoordig krijgen heel wat producenten hun producten niet verkocht zonder voortdurend reclame en promoties te maken.
Moest de bedrijfsbelasting “reclame en promotie” niet als kost, maar als winst beschouwen, dan zou elk bedrijf goed overwegen of de extra omzet door reclame en promotie de bedrijfswinst wel vergroot.

Conflict tussen privacy en geld verdienen met weten hoe individuele mensen in elkaar zitten

Wat begon als een manier om geld te verdienen met gericht adverteren, zit nu in de fase van machine learning op basis van persoonlijke informatie die stoemelings ontfutseld is tot illegaal verkregen, en die een digitale “persona” wordt, nadat ze gecombineerd is met persoonlijke gegevens uit andere gegevensbanken.
De grootste twee bedrijven daarin zijn Google en Facebook. Beide vragen ze iemand om zijn/haar werkend e-mail adres en paswoord, en persoonlijke informatie die ze via de “vrienden” laten controleren, waarmee die klant (in werkelijkheid: de koopwaar van Google en Facebook) correspondeert. Google vult die gegevens vooral aan met informatie over waarnaar iemand kijkt en klikt op het internet, terwijl Facebook vooral tuk is op wat die graag heeft/ fijn vindt (likes). Daarmee kunnen ze o.a. aangepaste banners laten zien en “aangepaste” doorverwijzingen en advertenties wanneer die persoon op het web surft.
Het indirecte gevolg is dat de advertentie inkomsten van gedrukte tijdschriften en kranten bijna geheel weggevallen zijn zodat de uitgever de redacties alsmaar verder uitdunt om kosten te drukken, en ze samen voegt om de tekst van en foto’s bij een artikel aan te passen aan het doelpubliek van de verschillende bladen en kranten in zijn portefeuille.
TV zenders zijn intussen ook een stuk van hun reclame inkomsten kwijt, omdat veel mensen geïrriteerd worden door de reclameblokken die worden uitgezonden, en ze liever hun favoriete programma’s opnemen en bij het afspelen de reclameblokken doorspoelen.

Er blijft niet veel over van de geschreven of gesproken pers als vierde macht, die politici dwingt rekenschap te geven aan de burger/kiezer voor de gevolgen van hun beleid.
Donald Trump is het voorbeeld van een democratisch verkozen president, die met alle middelen, in de eerste plaats zijn tweets, zijn eigen voorstelling van zaken geeft, zonder op vragen of bedenkingen van een goed journalist te willen antwoorden.

In België hebben we de wetgeving rond openbaarheid van bestuur, die een belangrijk hulpmiddel is voor onderzoeksjournalisten. Geregeld moet inzage in bepaalde bestuurlijke documenten afgedwongen worden via een rechtszaak, en dan gebeurt het nog dat stukken van de kopie van het document met zwarte viltstift onleesbaar zijn gemaakt.

Ondanks dat Google en Facebook nu al big business zijn, zal data mining, artificiële intelligentie en machine learning (big data) hun op termijn meer over de voorkeuren en gedragingen van iemand te weten laten komen dan de persoon van zichzelf weet. Wie wat wil verkopen vindt dat uiterst interessant en is bereid daarvoor flink te betalen, wie mensen op zich wil laten stemmen ook. De GDPR (General Data Protection Regulation) regelgeving van de EU eist om een “opt-in” toestemming van de burger, maar de EU aarzelt om niet naleven ervan systematisch en streng te sanctioneren.

Surveillance staten

Nog een stap verder is het koppelen van gezichtsherkenning aan big data door al dan niet democratische overheden. Zowel in de VS als in de EU zijn er die in “Surveillance” geloven als manier om goedkoper “ongewenst” gedrag op te sporen, door politiemensen en middelen te concentreren op groepen mensen die vaker veroordeeld werden voor dat ongewenst gedrag. Dat dit een soort zichzelf waarmakende profetie is, omdat ze de anderen minder controleren, schijnt die overheid niet te storen, ondanks dat voor de wet iedereen gelijk zou moeten zijn.
In de VS testten en gebruikten de politiediensten van Washington County, Orlando, en de U.S. Immigration and Customs Enforcement Agency, Rekognition gezichtsherkenningssoftware van Amazon.com, ook al bestaat daarvoor geen wettelijke basis. In januari 2019 herhaalden Inioluwa Deborah Raji and Joy Buolamwini van MIT vergelijkende proeven tussen Rekognition en vier andere gezichtsherkenningssoftware waar Rekognition nog altijd als slechtste uitkwam. In maart 2019 stuurden 25 A.I. experten een open brief aan Amazon.com om nadrukkelijk te vragen de software niet meer aan politiecorpsen en I&CE te verkopen omdat ze slecht presteert o.a. bij bepalen van het geslacht van mensen met donkere huidskleur, vooral als het om vrouwen gaat (tot 31 % fout). Amazon zegt dat ze de politie heeft verwittigd dat ze enkel herkenningen met “99 % kans” mogen gebruiken, maar dat blijken de gebruikers in de praktijk niet te doen (bron: https://en.wikipedia.org/wiki/Amazon_Rekognition )

In Vlaanderen willen stadsbesturen, o.a. van Gent en van Leuven, camera’s met nummerplaatherkenning - die officieel geplaatst werden om snelheidsovertreding of inrij verboden in lage emissiezones te controleren - ook gebruiken om gestolen of niet verzekerde wagens, of in Brussel om personen te herkennen bij politieke of vakbondsbetogingen. (bron: www.apache.be Leuvense ANPR-camera’s filmen je zonder reden. 8 jan. 2020; Gent wordt dan toch liefhebber van slimme camera’s. 10 jan. 2020; Data hongerig Brussel hapt naar bezoekersgegevens. 24 jan. 2020)

De “surveillance” aanpak volgt een redenering die het probleem vaak niet oplost: als iemand een wet overtreedt, moet de politie de dader opsporen en arresteren, de rechter hem veroordelen, en de gevangenisbewaker hem in de cel houden tot zijn straf heeft uitgezeten. En dan komt hij terug in de maatschappij zonder garantie op niet hervallen. Voor minder zware feiten werkt het meestal effectiever dat iemand die inziet dat hij/zij iets misdaan heeft - mits sociale steun en druk van de omgeving - een kans krijgt om te bewijzen dat hij terug een respectabel lid is van de gemeenschap, zonder van zwaardere criminelen in de gevangenis te leren hoe je verder kan misdaden plegen met minder pakkans.

Corana-virus en werk

Noels schreef: “Gigantisme” in tempore non suspecto, nog voor de eerste besmetting van het corona virus in Wuhan. Die pandemie is een onverwachte stress-test voor onze maatschappij. De maskers vielen, ook de maskers die er niet meer waren, en overheden in elk land bedachten hun manier om erdoor te geraken. Sommigen begonnen met ontkennen van de feiten en praatjes, maar werden snel door de feiten ingehaald. De afweging maken tussen de menselijke kant: zo weinig mogelijk corona doden, en niet teveel inkomensverlies voor bedrijven en voor individuele burgers, blijkt uiterst lastig voor de “politiek verantwoordelijken”. De rechtstaat wordt wel eens over het hoofd gezien.

In de particratie België geraakten de grootste partij aan Vlaamse en die aan de Franstalige kant het niet eens om samen deze dringende zaak van levensbelang aan te pakken in een nieuwe federale regering. Een creatieve oplossing op zijn Belgisch werd een minderheidsregering van lopende zaken die 6 maanden de tijd krijgt om het Corona probleem te “managen” en enkel dat. Die focus heeft het voordeel gehad dat de “blijf in je kot” aanpak sneller werd ingevoerd dan in Frankrijk en Nederland.

In deze buitengewone omstandigheden veranderen sommige gewoonten niet: belangengroeperingen blijven op dezelfde manier hun groepsbelangen verdedigen. vb. Voka was er direct bij met de vraag om technische werkloosheid in te voeren voor de grotere bedrijven en had daarbij nog graag bibbergeld voor personeel dat wel aan het werk bleef.
Ook farmabedrijf Roche wilde de samenstelling van hun testvloeistof (voor de polymerase reactie) die nodig is voor Roche apparatuur die mRNA van het coronavirus kan detecteren, niet vrij geven op vraag van de Nederlandse minister voor volksgezondheid, ondanks dat Roche zei niet voldoende productiecapaciteit te hebben om de vraag naar Corona testen te voldoen. Moest Roche bereid zijn een licentie te geven aan andere firma’s om identiek dezelfde samenstelling te maken waarmee dezelfde nauwkeurigheid kan gegarandeerd worden in hun apparatuur, zouden ze dat aan de minister gemeld hebben vóór ze op tv moesten uitleggen waarom ze dat niet deden, en zonder gevaar op reputatieschade als lijkenpikker.

De pijnlijkste vaststelling is dat big pharma niet geïnteresseerd is om virus remmers en vaccins te ontwikkelen voor een pandemie waarvan ze niet weten wanneer die zal komen. Ze investeren bij voorkeur in potentiële blockbusters, en liefst nog in het verlengen van de patentrechten van bestaande zonder de dure en lange tests op effectiviteit van de actieve bestanddelen opnieuw te moeten uitvoeren vb. door de opname in de spijsvertering van een bestaande blockbuster te verbeteren of door een licentie overeenkomst met een biochemisch bedrijf dat de actieve stof via een biochemisch proces kan producen en subsidies krijgt ter ondersteuning van jonge biochemische bedrijven.
Moesten vorsers aan universiteiten wat vinden, wil big pharma de productie van die virusremmers of vaccins wel doen, aan haar voorwaarden, niet aan kostprijs.

Dat mondmaskers al jaren niet meer in België gemaakt worden, omdat lage loonlanden dat goedkoper doen, hield geen rekening met de mogelijkheid van een pandemie die naast de menselijke miserie, ook de economie ontwricht en de staatsschuld een halve generatie lang verzwaart. Een “plan B” zou ervoor kunnen zorgen dat de technologie bij ons niet verloren gaat maar op de jongste stand wordt gehouden in een demonstratie lijn, zodat men wanneer nodig veel sneller een lokale productie kan opschalen.

Besluit

Er zijn meer terreinen waar economie, politiek en mensen elkaar sterk beïnvloeden, dan die in Gigantisme worden aangekaart. Innovatie in diensten, producten, productieprocessen en de manier waarop ze vermarkt worden zullen we altijd nodig hebben, aangepast aan de noden van de tijd. Maar elke nieuwe “uitvinding” kan op verschillende manieren gebruikt worden, sommige ten bate van de gemeenschap, andere ten schade.
Het belangrijkste is wat ten bate is van de huidige en toekomstige wereldgemeenschap. In de eerste plaats om te overleven, en liefst met zo weinig mogelijk oorlog, dictatuur en andere miserie.
… (mais)
 
Assinalado
KoenvMeulen | 2 outras críticas | May 3, 2020 |
Waarom stijgt het aantal obesitasgevallen als er ergens een nieuwe hypermarkt opengaat? Waar strijken de grootste bedrijven alle winsten op? Waarom raken voetbalclubs uit België en Nederland nauwelijks verder dan de voorrondes van de Champions League? Onze wereld lijdt aan gigantisme. Bedrijven en organisaties worden steeds groter en machtiger. Dat fenomeen doodt gezonde concurrentie, leidt niet tot duurzame groei en brengt de mens in verdrukking, met welvaartziektes als burn-out of obesitas tot gevolg. In het boek stelt Noels oplossingen voor die de economische spelregels bijstellen, de giganten temmen en de mens en het milieu weer hun plaats geven in de wereldeconomie. De toekomst zal kleiner, trager en menselijker zijn.… (mais)
 
Assinalado
Documentatie | 2 outras críticas | May 17, 2019 |
Een vlot leesbaar boek dat aantoont hoe economische grootheidswaanzin het sociale en maatschappelijke weefsel aantast. De auteur valt niet in de valstrik van de extremen maar pleit voor een genuanceerd kapitalisme zoals, volgens hem, de grondlegger van het economische liberalisme, Adam Smith het bedoelde. Hij probeert ook aan te tonen dat te grote scholen of scholengroepen, ziekenhuizen, etc niet gezond zijn voor het individu dat in deze mega-instellingen moet functioneren. Door deze schaalvergroting worden diverse extra functies en vaak extra taakbelasting gecreëerd. Zelf ben ik het hier volmondig mee eens. Daarnaast geeft de auteur ook voorbeelden van overheidsingrijpen (zeg maar verstoring van het marktmechanisme) dat nefast is voor gezonde goed geleide ondernemingen en een duidelijke link heeft met het concept van 'Drama of the commons'. Vooral het kunstmatig goedkoop houden van brandstof voor luchtvaart en scheepvaart heeft een negatief effect voor ons milieu en de kleine lokale ondernemer en bevoordeeld de mega bedrijven wat dan weer leidt tot gigantisme.… (mais)
 
Assinalado
Gert_Van_Bunderen | 2 outras críticas | Apr 9, 2019 |
Ontnuchterende kijk van een econoom op de evolutie die de maatschappij in het recente verleden doormaakte en in de toekomst zal ondergaan.
Absoluut aan te raden en voor adolescenten: must read !
 
Assinalado
jwi61 | Nov 14, 2014 |

Estatísticas

Obras
7
Membros
84
Popularidade
#216,911
Avaliação
½ 3.3
Críticas
4
ISBN
10
Línguas
3

Tabelas & Gráficos